boomstructuur: startpagina >
artikelindex Marge > artikel


Priester Daens te Strijtem

Vóór 1898 sympathiseerde pastoor Cuylits met priester Daens, maar daarna bekampte hij hem. Zo zou hij van op de preekstoel zijn parochianen aangespoord hebben de meeting(s) van priester Daens te hinderen, zelfs te verhinderen. Dat staat toch te lezen in een open brief van priester Daens aan pastoor Cuylits, brief die niet mals was voor de pastoor van Strijtem.

 




 

Volgens G. Renson werd de open brief waarschijnlijk in 1902 uitgegeven (1). Dan moet het op zondag 6 april 1902 zijn geweest, dat priester Daens te Strijtem 'probeerde' zijn aanhangers toe te spreken. Maar priester Daens verwees in zijn open brief ook naar zondag 10 april. Een drukfout?
Hoe dan ook, met (bijna) zekerheid kan gesteld worden dat de brief in april 1902 werd verspreid. De Aalsterse krant De Denderbode reageerde immers op 20 april 1902 op de brief en beschuldigde priester Daens er o.a. van de pastoor van ‘Strythem’ te bedreigen. Op 4 mei publiceerde De Denderbode zelfs een model van antwoord, beginnend met: ‘Indien ik de E.H. Pastoor van Strythem ware’. Wat later meldde de krant dat de pastoor de ‘gazet van Daens’ voor de rechtbank zou dagen ‘om dit blad te dwingen het antwoord op de aanvallen die het deed, op te nemen en aldus zijne lichtgeloovige lezers wat beter in te lichten’. Maar het is niet geweten of pastoor Cuylits inderdaad naar de rechter is gestapt.
Kwam priester Daens ook in 1904 naar Strijtem, met opnieuw veel kabaal? Feit is dat Rik Borginon vertelde: '... wij gingen bij gelegenheid nogal eens naar de hoogmis in O.-L.-Vrouw Lombeek of naar Strijtem. ... Op zekere dag kwamen we van de hoogmis terug naar Ledeberg en op de weg langs de Zeven Beuken hoorden we in de verte lawaai. We wisten niet wat het was. Als we dichterbij kwamen zagen we een troepje mensen rond een priester op een stoel of tafel. Dat moet rond de jaren 1904-1905 geweest zijn. Ik denk eerder aan 1904. De priester die het volk toesprak was priester Daens. Uit alle richtingen kwamen de mannen van de fanfare van Strijtem al blazend op hun instrumenten om voldoende lawaai te maken zodanig dat priester Daens zich niet meer kon doen verstaan. En het was pastoor Cuylits, zelf een ex-Daensist, die dat geënsceneerd had.' (2)
Op de voorgevel van de kapel van de Zeven Beuken werd in 1988 een gedenkplaat aangebracht, met erop jaartal 1904:

 
 

Best mogelijk dat priester Daens de hopboeren verdedigde, want zij hadden het moeilijk door de invoer van hop uit het buitenland. En als men 'op de weg langs de Zeven Beuken ... in de verte' interpreteert als 'waar (nu) de kapel van de Zeven Beuken staat', dan kan/zal priester Daens in 1904 (op 10 april?) er wel 'op een stoel of tafel' hebben gestaan!


-----------------------------------------------------------------------
(1) G. Renson: 'Pastoor Cuylits, een omstreden figuur (1856-1928)' in 'Eigen Schoon en de Brabander', 79e jg. 1996 nrs 1,2,3. Aldaar p. 10.
(2) Luc Van Liedekerke: 'De Kapel van De Zeven Beuken te Strijtem', 1988, 59 p. Aldaar pp. 39-40.